massage

Massage is een vorm van manipulatie van zachte weefsels voor een therapeutische reden. Het is effectief tegen oedeem, verbetert de bloed- en lymfecirculatie met reductie van oedeem, verhoogt de rekbaarheid van collageen, vermindert de spierspanning en werkt pijnstillend door het activeren van de neuronen in het ruggenmerg.

Er zijn 3 verschillende vormen van massage:

  1. Effleurage is een zacht glijden over de huid zonder de onderliggende weefsels in beweging te brengen. De beweging moet parallel verlopen met de spiervezelrichting en het veneuze systeem. Dit wordt gedurende minimaal 10 minuten gedaan waarbij er een grotere druk op de spiermassa’s als op de beenderige uitsteeksels moet uitgeoefend worden. Het wordt vooral gebruikt om spierspasmen ten gevolge van pijn op te heffen, om oedeem na trauma te reduceren, om een gestresseerd dier te kalmeren, voor een competitiewedstrijd, na een zware inspanning en voor en na elk ander type van massage.
  2. Bij petrissage of kneden wordt met de handen de spiermassa samen met de huid gekneed en opgeheven. Om de lokale circulatie te stimuleren wordt er alternerend gekneed en gerelaxeerd. Deze handelingen reduceren spierkrampen na een krachtinspanning, verbreekt adhesies ten gevolge van bloedingen en onderhoudt de spiertonus na gewrichtsbeschadiging.
  3. Frictie wordt gebruikt wanneer heel lokaal en diep moet gemasseerd worden. Het is een manier om zowel de huid als de onderliggende weefsels te bewegen. De richting van de druk wordt zowel circulair, rond het beschadigde gebied, als transversaal, dwars over de vezelrichting, gedaan. Wanneer de huid en onderliggende weefsels niet samen bewegen is er risico op blaarvorming.
    Frictie wordt toegepast om littekenweefsel en adhesies af te breken, bij pees- ligamentrupturen.


Petrissage van de hamstrings

Massage heeft verschillende voordelen zoals het verminderen van het teveel aan vloeistof in gewrichtsspaties, het verbeteren van de circulatie in gedenerveerd spierweefsel en het losmaken van weefsels die abnormaal vastgehecht zijn aan aanpalende structuren. Het zorgt ook voor pijnvermindering en het promoot de algemene relaxatie.
Massage heeft echter geen effect op het spiervolume, de spiersterkte of de graad van atrofie van spierweefsel.

Deze therapie is tegenaangewezen bij open wonden, kwaadaardige tumoren, ontstoken weefsel en gebieden van tromboflebitis.