voorbeelden van fysiotherapie bij honden

1. Kruisbandrupturen

Bij honden is meestal de craniale kruisband geruptureerd. Dit gebeurt als de breeksterkte van het ligament wordt overschreden. De breeksterkte van de craniale gekruiste band bedraagt bij de hond ongeveer 4 maal het lichaamsgewicht van de hond. Dit ligament is de primaire stabilisator van de knie bij extensie en interne rotatie. Daarom ontstaat een ruptuur meestal bij hyperextensie of externe rotatie van de knie. Traumatische rupturen bedragen echter maar een klein percentage van de gevallen. De primaire oorzaak is gerelateerd met het ouder worden van de hond. Deze veranderingen zijn erger bij honden die meer dan 15 kg wegen.

Postoperatieve fysiotherapie moet gebeuren op een manier waarop het chirurgisch herstel wordt beschermd en er een verbetering is van de functionele stabiliteit van de knie. Het ideale programma moet zorgen voor een grote spiersterkte van de dijspieren, een goede gewrichtsstabiliteit, een verbetering van de range of motion, een snelle terugkeer van de kniefunctie en een vermindering van artrose. Daarom voorzien wij verschillende fysiotherapeutische programma’s. Isometrische beweging, continue passieve beweging en actieve vrijwillige bewegingen worden allemaal gebruikt met variabele resultaten.

2. Spieren

  • Spierverrekking en fibrotische myopathie

Een spierverrekking is een indirect letsel veroorzaakt door overbelasting van een spier. Lichte verrekkingen kunnen geen fysische tekenen geven, maar bij een erge verrekking zien we zwelling, verslapping en een palpeerbaar defect. De meeste letsels zijn van niveau 1 en 2. Niveau 1 (mild) wordt gekarakteriseerd door een minimale weefseldisruptie, een lage graad van ontsteking en een minimale verandering in sterkte van de spier en range of motion van het gewricht. Er is geen duidelijke zwelling of pijn bij palpatie. Deze graad kan ongediagnostiseerd blijven bij honden. Graad 2 letsels zijn gekenmerkt door grotere spierbeschadigingen en een vermindering van de spiersterkte en range of motion. Bij graad 3 (erg) zijn er erge scheuren die zich uitstrekken over de gehele spier zodat er een totaal functieverlies is van die spier.

De spieren met het grootste risico zijn de spieren tussen twee gewrichten. Een explosieve beweging zoals bij sprinters zien we ook bij honden die aan bepaalde africhtprogramma’s meedoen zoals verdedigingswerk.

Fibrotische myopathie werd reeds gedocumenteerd bij honden. De meeste zijn mannelijke Duitse Herders alhoewel rassen zoals rottweilers en dobermann pinschers ook kunnen aangetast worden. Aangetaste honden hebben een opvallende mankheidsgraad aan 1 of beide achterpoten. De gang is gekenmerkt door een korte pas met interne rotatie van de onderpoot, externe rotatie van de hak en interne rotatie van het dijbeen bij het einde van de zweeffase van de beweging. Sommige aangetaste patiënten hadden een unilaterale verlamming. De verlamming kan tijdelijk erger worden als het activiteitsniveau van de hond plotseling stijgt. De oorzaak van deze aandoening is nog niet gekend.

Hoe behandelen we dit?

Rust, ijs en compressie samen met anti-inflammatoire medicijnen kunnen gebruikt worden bij honden die acute tekenen van verlamming vertonen. De herstelfase houdt in dat het dier gradueel terug zijn normale niveau van beweging bereikt waarbij de intensiteit wordt aangepast aan het individu. Chirurgie is een mogelijkheid voor dieren met een graad 3 ruptuur. Frictiemassage wordt toegepast gedurende 2 tot 3 keer per dag. Er zijn minimaal 10 sessies nodig om een lichte verbetering te zien.

  • Spiercontractuur

Spiercontracturen van de M. infraspinatus worden beschreven bij volwassen sport- en werkhonden. Deze aandoening wordt meestal opgemerkt in de acute fase wanneer het dier tekenen van pijn vertoont in de schouderregio en minder op die poot steunt. De chronische fase wordt gekenmerkt door abductie, externe rotatie en extensie van de voorpoot. Meestal is slechts een kant aangetast, maar de beide achterpoten kunnen ook betrokken zijn. Fysiotherapie kan een uitweg bieden.

3. Fracturen

Botfracturen zijn zowel bij grote als kleine huisdieren een belangrijk orthopedisch probleem. Alhoewel de meerderheid hiervan, mits toepassing van een correcte chirurgische techniek, en/of een goede reductie, op een normale manier genezen is er soms veel tijd nodig om deze heling te bekomen.

 

4. Osteoarthritis

Osteoarthritis is een veel voorkomend probleem bij honden. Patiënten met osteoarthritis hebben een verminderde activiteit, een verminderd prestatievermogen, pijn en een verminderde levenskwaliteit. De graad van de afwijking varieert van een milde mankheid tot een beperkte mogelijkheid om gewone lichaamsfuncties uit te oefenen. Terwijl deze dieren hun activiteiten verminderen, start een vicieuze cirkel op van verminderde flexibiliteit, gewrichtsstijfheid, krachtverlies en verminderde cardiovasculaire fitheid. Traditionele behandelingen van osteoarthritis omvatten gewichtsverlies, farmacologische management van de ontsteking en de pijn, veranderingen in levensstijl en bewegingsgewoontes en tenslotte een chirurgische behandeling.

Dus de behandeling bestaat uit medicatie, gewichtscontrole en fysische bewegingen. Alhoewel de juiste relatie tussen osteoarthritis en beweging onzeker is, zijn er toch al verschillende factoren gekend bij de mens en is het aanneembaar dat deze ook gelden voor dieren. Hoe ouder de dieren worden hoe groter de kans op herhaaldelijke stress en trauma op gewrichten. Eerdere kwetsuren kunnen een invloed hebben op de dijspieren, de gewrichts- en de ligamenteuse stabiliteit en zo ook op het ontstaan van osteoarthritis.

De fysiotherapeutische mogelijkheden voor osteoarthristis zijn bewegingstherapie, warmtetherapie, koudetherapie, massage en hydrotherapie.

5. Obesitas

Obesitas is een grote risicofactor bij de mens en zal bij de hond ook een belangrijke rol spelen. Alhoewel beweging een belangrijke rol speelt in het verliezen van gewicht, moet het overbelasten van gewrichten vermeden worden. Oefening wordt pas toegepast na correctie van grote risicofactoren zoals gewrichtsonstabiliteit en obesitas. Andere tegenindicaties om een bewegingsprogramma te starten zijn een acute ontsteking of gewrichtszwelling of andere medische aandoeningen.