Toy breed hypoglycemie

Gedurende eeuwen tracht de mens selectief honden te fokken om op die manier “pure” honden te bekomen. Het resultaat zijn foklijnen waarbij de exterieure kenmerken van de honden zo gelijkend zijn dat we spreken van “ras”-honden.

Jammer genoeg hebben deze rashonden ook allemaal hun specifieke problemen.
De “Toy-rassen” zoals chihuahua, Yorkshire terriër, Maltezer en toy poedel zijn honden die als rastypisch probleem hebben dat ze moeilijk hun glucosegehalte op peil kunnen houden. Puppies van deze rassen lijden frequent aan toy breed hypoglycemie.


Een typisch toy-ras : chihuahua

Denk na voor je een toy breed puppie koopt.

Vooaleer je kiest voor een toy breed puppie verdient het aanbeveling 2 keer na te denken. Deze puppies zijn als het ware kleine levende wezentjes met een aangeboren handicap. De puppies moeten 5 à 7 maal per dag gevoederd worden en dan liefst met zacht voedsel want de tandjes laten nog niet toe om korreltjes te bijten. Ze moeten goed warm gehouden worden. Het is ook van belang om deze pups vrij van ectoparasieten te houden. Ze zijn zodanig klein dat ze een vlooien- of andere besmetting met bloedzuigende parasieten vaak niet overleven.

Deze pups zijn ook gevoeliger voor aandoeningen als kennelhoest en pneumonie dan pups van andere rassen.
Als je dan toch besluit om een toy pup aan te schaffen moet je zeker onmiddellijk ingrijpen wanneer de pup hoest, diarree heeft, braakt of suf wordt. Direct een dierenarts consulteren is de boodschap.


Dit is een puppy die binnengebracht was met 34°C en een aanval van hypoglycemie. Na een infuus met glucose zat die direct weer recht.

Verder dient u erop toe te zien dat de pup goed eet. Zolang hij onvoldoende tanden heeft moet hij vloeibare voeding krijgen. Regelmatig de tanden controleren is dus de boodschap. Het supplementeren van een suikerrijke voeding is een must.

Wat te doen bij het vermoeden van een glucoseval?

Hypoglycemie wordt beschouwd als een levensbedreigend spoedgeval. De pup is suf, koud en kan soms coördinatiestoornissen hebben (omvallen). Als eerste hulp kan u suikersiroop rechtstreeks in de mond spuiten. Dit wordt zeer snel in de bloedbaan opgenomen en zal zo de ergste schade opvangen. Dan raadpleegt u best onmiddellijk een dierenarts.

Bij de dierenarts krijgt de pup een glucose-infuus toegediend dat eerst op lichaamstemperatuur werd gebracht. Meestal blijven puppies met hypoglycemie een aantal dagen in de kliniek om het suikergehalte in het bloed te monitoren. Vaak is er ook meer aan de hand dan enkel een hypoglycemie:

  • Bacteriële infectie : bacteriën zijn grote suikerverbruikers. Daarom geven we puppies met hypoglycemie steeds een antibioticakuur.
  • PSS : porto systemische shunt
  • Parasitaire infecties : als de pup na een hypoglycemie ontslagen wordt uit de kliniek is hij voldoende ontwormd

Wanneer de pup na een hypoglycemie ontslagen wordt uit de kliniek is het belangrijk dat de voedselopname goed en constant is.
Naarmate de pup ouder wordt zal het risico op hypoglycemie kleiner worden.