Cornea sequester

INLEIDING

Onder een cornea sequester wordt een glimmende, zwart-bruine plaque van necrotisch pigment in het oppervlak van de cornea van de kat verstaan. De cornea is een dure benaming van het hoornvlies van het oog, sequester wil zeggen dat een stukje van het hoornvlies wordt afgestoten.

ONTSTAANSWIJZE

De ontstaanswijze is niet volledig gekend, maar moet waarschijnlijk gezocht worden in een minder goede kwaliteit en een minder goed herstelvermogen van het centrale deel van de cornea van de kat.
Kleine beschadigingen van het hoornvlies door haren, zoals bij entropion (naar binnen krullend ooglid), distichiën (extra haren op de ooglidrand die de oogbol raken) en trichiasis (haren die de oogbol raken vanaf bijvoorbeeld een neusplooi) of door een verminderde traanvochtproduktie (zoals bij keratoconjunctivitis sicca), geven bij de kat al snel aanleiding tot sequestervorming.
Daarnaast is er een groep katten waarbij geen direkte irritatie-opwekkende factoren zijn aan te wijzen. Hierbij zijn het vooral de katten met sterk naar voren liggende ogen, zoals de kortneuzige Perzen, die zijn gepredisponeerd. Vermoedelijk speelt hierbij het weinig knipperen met de oogleden en het daardoor te snel centraal opbreken van de traanfilm een rol.

ZIEKTEVERSCHIJNSELEN

De afwijking begint meestal met een diffuse pigmentatie in het centrale epitheel (buitenste laagje) van de cornea. Langzamerhand vormt zich een dikkere, glimmende, zwarte plaque in het hoornvliesoppervlak. Deze plaque bestaat uit vervallen melaninepigment (dit is hetzelfde pigment dat de huid kleurt in de zon of bij irritatieplekken van de huid), maar of dit via het hoornvlies, dan wel via de traanfilm vanaf de oogslijmvliezen wordt aangevoerd is niet duidelijk. In verloop van weken treedt steeds meer reactie, in de vorm van oedeem (vochtophoping) en necrose (dood weefsel) van het om- en onderliggende cornea-epitheel en stroma (de dikste en middelste laag weefsel van het hoornvlies) op.

De pijnreactie van de kat is vaak niet erg heftig, maar het oog traant wel en het derde ooglid (de plooi van het oogslijmvlies in de binnenste ooghoek) schuift voor de oogbol. Oppervlakkige vaatingroei komt langzaam op gang. In het verloop van maanden wordt de sequester, heel geleidelijk, door middel van granulatie (oftewel vorming van ontstekingsweefsel) onder de plaque, afgestoten.
Uiteindelijk blijft meestal een meer of minder ernstig litteken in het hoornvlies over.


Duidelijk cornea sequester, waarbij er geen ontstekingsreactie in het oog is opgetreden.

THERAPIE

  • De behandeling bestaat uit het vier keer daags toedienen van een zalf op het oog die bestaat uit chloramphenicol en vitamine A.
    Chloramphenicol is een antibioticum en vitamine A bevordert de genezing van het hoornvlies.
  • Spontane afstoting van de sequester vergt veel tijd, daarom gaat de voorkeur uit naar een oogheelkundige behandeling, te weten de keratectomie.
    Dit is een behandeling onder een algehele verdoving en lokale verdoving, waarbij met een mesje de plaque wordt losgemaakt van de rest van het hoornvlies en er alleen maar gezond corneaweefsel overblijft. Alleen als het proces erg diep doorloopt, kan besloten worden de diepste delen te laten zitten. Dit pigment wordt ofwel spontaan opgeruimd of door granulatie naar het oppervlak gewerkt en moet dan in een tweede zitting worden verwijderd. De nabehandeling is weer met een zalf met chloramphenicol en vitamine A, maar hier wordt nu atropinezalf aan toegevoegd, dit geeft verlichting van de pijn aan het oog. De opvulling van het defect neemt meestal nog één tot vier weken tijd in beslag. Eventuele littekenvorming is vooral afhankelijk van de diepte tot waarop de sequestervorming zich bevond.
    Herhaling van de aandoening komt af en toe voor, vooral bij de Pers, en ook dan is de behandeling zoals hiervoor beschreven.


Hier is er een keratectomie uitgevoerd op de eerste foto. Je kunt het letsel in de cornea zien nu.
Op de tweede foto zien we het derde ooglid die naar buiten is getrokken en die straks over het defect in de cornea gehecht zal worden.
Op de derde foto is dat gedaan. Binnen 10 dagen wordt dit weer los gemaakt.

PROGNOSE EN PREVENTIE

De prognose van deze aandoening is in principe goed, maar de littekenvorming in het hoornvlies zal natuurlijk minder ernstig zijn als het proces nog niet zo ver is gevorderd.
Met het oog op de preventie is het gewenst het hoornvlies van deze patiënten blijvend wat extra te beschermen met bijvoorbeeld vitamine A-olie één of twee keer daags.
Daarnaast is het gewenst dat het streven van fokkers naar katten met zeer korte neuzen en sterk naar voren liggende ogen wordt gestopt. Ook kopers moeten hiervan worden overtuigd!