Externe fixatie van botbreuken bij honden

Zoals in het hoofdstuk botbreuken besproken kunnen we breuken van beenderen op verschillende manieren behandelen.
In dit hoofdstuk wordt de externe fixatie besproken.
De fractuur wordt door een systeem gestabiliseerd dat zich buiten het lichaam bevindt.

Indicaties

Uitwendige stabilisatie van botbreuken kunnen we in principe op een groot aantal breuken uitvoeren. De meest gebruikelijke zijn jonge patiënten omdat deze nog moeten groeien en er dus moeilijker met implantaten gewerkt kan worden. Implantaten moeten er dan achteraf weer uit. Ook wordt uitwendige stabilisatie gebruikt bij erg gecompliceerde breuken waar er geen interne fixatie mogelijk is.


Hier ziet u een voorbeeld van pinnen die partieel in het bot zitten

Systeem van opereren.

Er worden onder algemene anesthesie een aantal pinnen, dwars of partieel door het bot geboord. Er zijn minimum twee pinnen boven en twee pinnen onder de fractuurhaard nodig. De uiteinden van deze pinnen ( die dus buiten het lichaam liggen ) worden verbonden door een technovitbrug of een externe fixatorstang. Zo creëren we een stabiel geheel waardoor de fractuurhaard kan genezen.  Afhankelijk van de grootte van de hond worden er verschillende diameters van pinnen gebruikt. Dit is een heel elegant systeem waar dieren weinig last van hebben. Ze verdragen de externe fixator goed en we zien weinig complicaties.

Hieronder een voorbeeld van een breuk van de bovenarm van een maltezer Toshi die aangevallen was door een pit bull. Toshi had ook een gebroken rug die dan ook geopereerd werd. De externe fixator is hier geplaatst omdat de afstand tussen het ellebooggewricht en de breuk te klein was om een interne fixatie te doen.

Ook bij poezen zien we soms erge fracturen die we gemakkelijk kunnen behandelen met externe fixatie.

 

 

 

 

 

 

 

 

 

Deze poes was van het dak gevallen. Ze brak haar pootje en er waren verschillende fragmenten aanwezig.
Eerst werd er een centrale pin gestoken in het bot en dan werden er 5 pinnen uitwendig gebracht om zo een stabiliteit te verzekeren van het bot.

mogelijke complicaties :

Geen enkele operatie is zonder risico’s. Zo is ook bij deze operatie de normale kans op complicaties aanwezig, zoals bloeding, infectie, trombose en dergelijke.

Daarnaast zijn er nog specifieke complicaties mogelijk.
De meest voorkomende complicatie van de externe fixatie is een infectie rondom de pinnen, die door de huid in het bot zijn geschroefd.
Daarbij kan er roodheid en etter uitvloei zijn ter plaatse van de pinnen in de huid.
Meestal is de infectie eenvoudig te verhelpen door de pingaten regelmatig goed schoon te maken. Soms ontstaat er een abces onder de huid. Dit moet dan onder lokale verdoving geopend worden met een kleine snee in de huid bij de pin.
Antibiotische behandeling van een pingat infectie is doorgaans niet zinvol, wel als de infectie zich uitbreidt in de huid of in het bot.

Soms moeten bij een ernstige pingat infectie de pinnen verwijderd of verplaatst worden.
Om een pingat infectie te voorkomen is het van belang dat de externe fixator goed wordt verzorgd.