Dit is een ziekte bij de hond waarbij de bijnierschors een te grote hoeveelheid cortisol, een steroïde hormoon, produceert.
De bijnieren zijn de 2 kleine klieren die naast de nieren liggen.
Foto 1 : De ligging van de bijnieren tov de nieren.
Foto 2 : Een tumor thv de bijnier geeft sterk vergrote bijnieren. Dit is de bijnier van een Yorkshire Terrier met de ziekte Cushing.
De oorzaak van die te hoge concentratie aan cortisol is ofwel een tumor aan de bijnier ofwel een tumor aan de hypofyse.
Tumor thv de bijnier, in 15% van de gevallen
De bijnier bestaat uit een bijnierschors en een bijniermerg.
De bijnierschors levert een aantal verschillende hormonen met eenzelfde chemische structuur. Deze kenmerkende structuur kennen we onder de naam steroïden. De hormonen van de bijnierschors noemen we in het algemeen corticosteroïden of kortweg corticoïden.
Hier zie je de schors (cortex) en het merg (medulla)
We onderscheiden een drietal groepen van bijnierschorshormonen:
Tumor van de hypofyse, in 85% van de gevallen
De hypofyse of pijnappelklier is een piepklein hersenaanhangsel dat in een uitsparing van de schedel op de bodem van de hersenen ligt.
Het is een klier die veel hormonen afscheidt waaronder ACTH. Deze ACTH stimuleert de bijnierschors om cortisol te produceren. Dus als er een tumor is van de hypofyse gaat de concentratie aan ACTH stijgen waardoor ook onrechtstreeks de concentratie aan cortisol gaat stijgen.
Om het verschil te maken tussen een Cushing die veroorzaakt is door een tumor van de bijnier of door een tumor thv de hypofyse in de hersenen moeten we een aantal testen doen.
Voor deze testen moet de hond een dag op de kliniek blijven. We hebben een keuze uit een drietal testen.
Interpretatie
- Normale honden gaan een cortisolstijging hebben boven de 450nmol/L.
- Bij honden met een hypofyse afhankelijke cushing gaat de cortisol overdreven stijgen, tot meer dan 600 - 1.000 nmol/l.
- Bij honden die een bijnierafhankelijke cushing hebben gaan praktisch niet stijgen in cortisol en blijft de cortisol rond de basale waarde van 250 nmol/L hangen.
Honden met dit syndroom kunnen de volgende symptomen hebben
door o.a bloedonderzoek en urineonderzoek
A . Operatief:
Wanneer het syndroom van Cushing veroorzaakt is door een tumor in de bijnieren dan zal de aangetaste bijnier operatief worden verwijderd.
B. Medicamenteus : chemotherapie met Lysodren
Chemotherapie is tot op heden de meest frequente behandelingsmethode waarbij gebruik gemaakt wordt van Lysodrenof Mitotane.
Dit chemotherapeuticum veroorzaakt een destructie van de bijnierschors.
Er kan gekozen worden voor een volledige (niet selectieve) of een partiële (selectieve) destructie van de bijnierschors met Lysodren®.
De bijnierschors bestaat uit 3 lagen: in de zona fasciculata en de zona reticularis worden glucocorticoïden en androgenen gevormd, de zona glomerulosa produceert enkel mineralocorticoïden.
Lysodren® mag enkel toegediend worden aan patiënten met een goede tot zeer goede eetlust! Om een goede absorptie van (het lipofiele) Lysodren® in de systemische circulatie te verzekeren, dient dit product steeds met voedsel te worden gegeven. De eigenaars dienen handschoenen te dragen bij het manipuleren van dit medicijn.1. Complete destructie van de bijnierschors met Lysodren®
Bij deze behandeling wordt Lysodren® gedurende een beperkte periode in een zodanige dosis toegediend dat de bijnierschors volledig (zona fasciculata, zona reticularis en zona glomerulosa) wordt vernietigd en er dus hypocortisolisme en hypoaldosteronisme optreden. Een levenslange vervangingstherapie bestaan de uit gluco- en mineralocorticoïden en zout is nodig.
Lysodren®: 50-75 mg/kg/dag per os (tot 100 mg/kg/dag bij kleine rassen).
- De eerste 5 dagen wordt de behandeling dagelijks gegeven
- de volgende 20 dagen wordt de behandeling om de andere dag gegeven.
Om een goede intestinale absorptie te verzekeren wordt de medicatie het best verdeeld over 3-4 toedieningen per dag. De totale behandelingsduur bedraagt dus 45 dagen, waarvan 25 dagen met toediening van Lysodren® en 20 dagen zonder. Het doel van dit alternerend schema is om neveneffecten zoveel mogelijk te vermijden. Indien de hond tijdens de Lysodren®kuur complicaties (anorexie, braken, diarree, lethargie, evenwichtsstoornissen) ontwikkelt dan moet de toediening gestopt worden gedurende enkele dagen (totdat de neveneffecten verdwenen zijn), maar de vervangingstherapie dient wel verder gegeven te worden (eventueel via injecties). Daarna mag met de Lysodren®behandeling opnieuw gestart worden, eventueel in een lagere dosis.De levenslange vervangingstherapie wordt gestart op de 3de dag van de Lysodren® behandeling:
- Hydrocortison : 2 mg/kg/dag per os, verdeeld over twee toedieningen. Deze dosis wordt aangehouden tot 1 week na de Lysodren® therapie. Daarna wordt overgegaan op 1 mg/kg/dag verdeeld over twee porties
- Fludrocortisonacetaat : 0,0125 mg/kg/dag per os, te verdelen over twee porties.
- NaCl (keukenzout): 0,1 g/kg/dag per os, te verdelen via de maaltijden.
2. Partiële destructie van de bijnierschors met Lysodren®
Deze behandeling bestaat uit een inductie die ongeveer 7 dagen duurt en gevolgd wordt door een levenslange onderhoudstherapie met Lysodren®. Het doel van deze therapie is een selectieve destructie te veroorzaken van de bijnierschors (zona glomerulosa blijft gespaard) om zo het cortisoloverschot te normaliseren. We hebben met deze methode niet zulke goede ervaring omdat er hier intensieve nacontrole nodig is en niet iedereen is te motiveren om deze nacontroles op te volgen.
C. Medicamenteus : Trilostane (Vetoryl®)
Trilostane is een oraal actief geneesmiddel voor de levenslange behandeling van hypercortisolisme bij de hond.
Trilostane is een competitieve remmer van een enzyme en het veroorzaakt een reversibele blokkade van de biosynthese van steroïden in de bijnierschors. Heel waarschijnlijk wordt trilostane dé medicamenteuze therapie bij uitstek voor hypercortisolisme bij de hond.
Studies hebben aangetoond dat dit product effectief is voor de behandeling van zowel hypofyse- als bijnier schors afhankelijk hypercortisolisme.
Er zijn capsules van 60 en 120 mg op de markt. De aanbevolen dosis bedraagt 60, 120 en 240 mg voor honden die respectievelijk 5-20, 20-40 en 40-60 kg wegen. Naar onze ervaring wordt trilostane zeker niet beter getolereerd en vertoont het toch een aantal neveneffecten die niet aangenaam zijn. We zien wel minder neveneffecten in een lagere dosis (2 mg/kg/d).
Trilostane heeft een korte werking: twee tot zes uur. Er is dus maar een relatief korte periode van suppressie van cortisol, maar in de meeste gevallen blijkt een toediening éénmaal per dag voldoende om de klinische symptomen te verbeteren.
De verdere opvolging gebeurt als volgt: niet alleen de klinische symptomen (polyurie, polydipsie, eetlust, …) en de elektrolyten (natrium en kalium) moeten nagegaan worden, maar ook een ACTH-stimulatietest (steeds 4-6 uur na inname van trilostane) dient uitgevoerd te worden bij iedere controle. Het eerste terugbezoek gebeurt 14 dagen na de start van de behandeling. De volgende controle heeft plaats 4 weken en 3 maanden na de start van de trilostanebehandeling; verdere controlebezoeken gebeuren driemaandelijks. Er wordt gestreefd naar een cortisolwaarde post-ACTH tussen de 20 en 150 nmol/l.
Trilostane blijkt een goed werkzaam geneesmiddel te zijn, maar de veiligheid is nog steeds een probleem. Het hangt voor een groot deel af van een juiste dosis. Helaas is het nog niet helemaal duidelijk hoe men de optimale dosis bepaalt. In de literatuur werden enkele gevallen beschreven van acute sterfte na inname van trilostane waar tot op heden geen eenduidige verklaring voor is. Het lijkt aannemelijk dat dit (voor een deel) te wijten kan zijn aan hypo adrenocorticisme (hypocortisolisme en hypoaldosteronisme)