Feiten :
Degeneratieve klepinsufficientie (EC):
Is veruit de meest voorkomende primaire oorzaak van chronische hartinsufficientie bij de hond. Het doet zich het vaakst voor bij honden op middelbare tot gevorderde leeftijd, voornamelijk bij kleine en miniatuurrassen.

Vele honden blijven echter symptoomloos gedurende meerdere maanden tot zelfs jaren. Eens de hartkwaal zich echter klinisch manifesteert, heeft de patiënt nog slechts een gemiddelde levensverwachting van 6 maand tot 1 jaar.
Gedilateerde cardiomyopathie (DCM) :
Bij gedilateerde cardiomyopathie neemt het contractievermogen van het hart af, hetgeen resulteert in een ontoereikende pompfunctie van hart.

Deze functionele stoornis gaat gepaard met een vergroting van de aangepaste kamers.
DCM wordt het meest gezien bij honden op jongere en middelbare leeftijd, bij middelgrote tot reuzenrassen. Eens DCM vastgesteld, ligt de mediaan van de levensverwachting op 2 à 3 maand, met een kans van maximum 30% om nog 2 jaar te leven. De prognose varieert hier sterk met het ras.
In de beginstadia van de ziekte worden compensatoire mechanismen door het lichaam aangesproken om de druk in de bloedbaan op peil te houden.
In de vroege stadia slagen de perifere mechanismen erin het hartfalen te compenseren, maar mettertijd werken zij eerder nadelig en gaan zij zelf symptomen veroorzaken. In dit stadium ontwikkelt zich een congestieve hartinsufficiëntie.

Boxers zijn gevoelig aan hartinsufficientie.
De nadelige gevolgen van de permanente activatie van deze mechanismen zijn.
Vicieuze cirkel van CHI
Zo worden de symptomen bij voortschrijdende CHI eerst duidelijk bij inspanning en later ook in rust.
Belangrijkste symptomen van CHI zijn.
De behandeling voor hartfalen is gesitueerd op verschillende terreinen. Zowel medicamenteus als met voeding kunnen we de verschillende stadia van hartinsufficiëntie trachten te begeleiden.
Dit kunt U volgen in het volgende deeltje, behandeling van chronische hartinsufficientie.