Leishmaniose bij honden

Wat is Leishmaniose en wie veroorzaakt dit?

Leishmaniose is een ziekte die overgebracht wordt van een besmet dier op een ander dier door de noodzakelijke tussengastheer, een zandvliegje, flebotoom genaamd.

De parasiet wordt hierin opgenomen wanneer dit zandvliegje een geïnfekteerd dier steekt en diens bloed opzuigt. Na een verblijf van enkele dagen in het spijsverteringsstelsel van de tussengastheer heeft de parasiet een verandering ondergaan welke het mogelijk maakt dat hij een ander dier infecteert.
Wanneer dus na enkele dagen een ander dier wordt gestoken draagt de zandvlieg de parasiet over.

Deze zandvlieg komt momenteel nog niet in België voor, maar wel in de gebieden rond de Middellandse Zee. Verwacht wordt dat als de klimaatsverandering doorzet deze zandvlieg zijn verspreidingsgebied langzaam uit zal gaan breiden naar steeds noordelijkere delen van Europa en uiteindelijk ook in België terecht zal komen.

Het gaat om een ziekte met een heel wisselvallig beeld dat per individu verschilt.
Het is zelfs zo dat een dier drager kan zijn van de parasiet zonder dat de ziekte zich openbaart. De parasiet is dan in een sluimertoestand aanwezig maar vermeerdert zich niet. In deze toestand kan het diertje jarenlang aanwezig zijn zonder dat er aan de drager iets te merken is.
Bij sommige honden openbaart de ziekte zich al heel kort na de infectie en bij anderen kan ze een levenlang aanwezig zijn zonder dat de hond er ooit klachten door krijgt.
Of en wanneer de ziekte aktief wordt hangt af van de individuele afweer van de hond. De afweer is geen konstant iets, deze kan hoger of lager zijn. Ziekte, zwakte, een ongeval, hevige stress, zijn allemaal zaken welke de afweer doen verlagen. Op zo´n moment kan de parasiet zijn kans waarnemen.

Symptomen

Dit zal per hond verschillen. Je ziet bij veel honden één of meerdere van de volgende symptomen, in meerdere of mindere mate, maar vrijwel nooit allen tegelijk.

  • Lusteloosheid.
  • Gewichtsverlies ondanks dat hij goed eet of zelfs veel meer eten krijgt.
  • Gewrichtsklachten, zoals opgezette gewrichten of mank lopen. Niet alle gewrichten hoeven aangetast te zijn, het kan zich beperken tot één of meerdere gewrichten.
  • Huidklachten zoals droge huid en schilfering, wondjes die slecht of helemaal niet genezen, kale plekken. Typerend is symmetrische kaalheid, dus kale plekken aan beide kanten van het lichaam of op het hoofd.
  • Plaatsen waar vaak de huidklachten het eerst waargenomen worden zijn de oren, de neus en rond de ogen. Lichtroze gekleurde plekjes op de randen van de oogleden of rond de neus zijn vaak het eerste wat je ziet, evenals kale plekjes achterop de oren.

  • Sterke nagelgroei; ondanks regelmatig knippen steeds weer heel snel lange nagels.
  • Spontane neusbloedingen.
  • Diarree, soms konstant en soms wisselend.
  • Chronische oogontstekingen.
  • Droge neus.
  • Bloedarmoede, wat o.a. bleke slijmvliezen veroorzaakt.
  • Vergrote lymfeklieren, vooral de halsklieren en die welke in de knieholte zitten.
  • In een gevorderd stadium zullen ook de lever- en nierfunktie evenals het bloed zelf slechter worden.

Hoe kan ik zeker weten of mijn hond Leishmaniose heeft?

Een test genaamd PCR (Polymerase Chain Reaction) spoort DNA-ketens van de parasiet op.
Een hond die drager is maar niet ziek kan zo ontdekt worden omdat de PCR-test redelijk zeker kan vaststellen of de hond positief of negatief is. Er is geen ander resultaat mogelijk. Maar deze test geeft niet aan of de ziekte aktief is of niet. Heb je dus een hond zonder waarneembare symptomen maar waarover er twijfel bestaat of omdat je gewoon gerust wilt zijn en wilt weten of jouw hond wel of niet Leishmaniose-parasieten in zijn lijf heeft is deze de aangewezen test.

De andere nuttige test heet IFI (Inmuno Fluoresentie afweerstoffentest). Deze test geeft de hoeveelheid afweerstoffen tegen de parasiet aan. Hierdoor komt men te weten in hoeverre de ziekte aktief is. Echter, indien de ziekte niet aktief is zijn er onvoldoende afweerstoffen in het bloed aanwezig om door deze test waargenomen te worden. Hierdoor zal een hond die wel drager is maar waarbij de ziekte in sluimertoestand verkeert negatief geven. M.a.w., je weet dan niet of je hond wel of niet drager is.

Bovenstaande houdt in dat bij een hond met één of meerdere verdachte symptomen beter een IFI gedaan kan worden en bij een hond zonder symptomen beter een PCR. Geeft een hond positief op de PCR dan dient er nog een IFI gedaan te worden, om te zien in welk stadium de ziekte zich bevindt.

De behandeling

Meestal wordt er een combinatie gebruikt van 2 soorten medicatie.

Alopurinol is een middel dat de leefomstandigheden voor de parasiet in het bloed verslechtert. Maar Alopurinol doodt de parasieten niet, het zorgt ervoor dat ze zich niet makkelijk kunnen voortplanten en vermindert hun aktiviteit aanmerkelijk. Hierdoor zal de hond 'beter' worden. Alopurinol wordt gegeven in tabletvorm.

Echter, in Spanje wordt vrijwel altijd gekozen voor een behandeling met Alopurinol in kombinatie met Glucantime . Glucantime is een middel dat geïnjekteerd wordt. Glucantime doodt de parasieten. Hierom is het verstandig om Glucantime mee te gebruiken bij de behandeling. Een kombinatie-behandeling bestaat meestal uit het gedurende een maand toedienen van Glucantime in kombinatie met Alopurinol waarna men stopt met de Glucantime en nog 2 tot 5 maanden doorgaat met het geven van Alopurinol.

Over Glucantime bestaan veel twijfels, het zou een zeer zware belasting zijn voor het lichaam. Dit kan waar zijn, maar heeft veel te maken met de dosering en wijze van toedienen. Wanneer men kiest voor een hoge dosering welke in een spier of direkt in een ader wordt gespoten kan het inderdaad problemen geven. Maar als het in lage dosering en onderhuids wordt toegediend geeft het vrijwel nooit problemen. Behalve bij honden waarbij de lever- en nierfunktie te slecht is. Zolang de gesteldheid van de hond het toestaat is het meer dan raadzaam om te kiezen voor de kombinatie van beide middelen.

De juiste dosering van Glucantime hangt af van de toestand van de hond. Evenals eventueel aanvullend bloedonderzoek. Bij sommige honden is het raadzaam een uitgebreider bloedonderzoek te doen om bepaalde waardes vast te stellen. Dit dient echter per geval bekeken te worden.